21e eeuwse vaardigheden
 
(Advertentie)

A. Kan apparaten aansluiten, bedienen en onderdelen benoemen

B. Kan afhankelijkheden in de infrastructuur uitleggen en de relatie tussen onderdelen benoemen

C. Kan financiële consequenties van het gebruik van technische infrastructuur inschatten

D. Kan uitleggen waar eigen informatie is opgeslagen is en hoe deze toegankelijk is

E. Kan verschillende interactievormen gebruiken om apparaten en programma's bedienen 

F. Kan verschillende navigatievormen benutten

G. Kan openbaar toegankelijke relevante en bruikbare informatie ontsluiten en delen

I. Kan persoonlijke informatie lokaal en op afstand bewaren, ordenen, ontsluiten en delen


(Advertentie)